5 min

Driekwart van de ondernemers ervaart tegenwoordig (problemen van) personeelstekort. 56% hiervan geeft aan dat ze het moeilijk vinden mensen aan te trekken, en 54% heeft te weinig personeel om al het werk af te krijgen. Dit tekort leidt tot directe en indirecte kosten, zoals hogere arbeidskosten en verlies van productiviteit. Ook de concurrentiepositie en de klanttevredenheid komen eronder te lijden. Het personeelstekort nekt veel bedrijven en is er voorlopig om te blijven.

Waarom ontstaat personeelstekort?

Het personeelstekort in Nederland is een samenhangend verband van meerdere factoren die ervoor zorgen dat er geen (geschikte) medewerkers zijn op de plekken waar ze nodig zijn.

Vergrijzing tegenover technologische progressie 

De snelle vooruitgang in technologie en de vergrijzing hebben een aanzienlijke impact op de arbeidsmarkt. Ervaren werknemers vertrekken naar hun pensioen, terwijl nieuwkomers vaak het nodige aan ervaring en de gewenste vaardigheden missen. Voor bedrijven die specifieke vaardigheden van hun personeel nodig hebben kan dit betekenen dat het vervangen van personeel extra kostbaar wordt.

Mismatch in profielen

In Nederland zijn er ongeveer 1 miljoen tot 1,5 miljoen mensen die wel willen werken, maar niet aan de slag komen omdat ze niet passen binnen het gewenste profiel van werkgevers. Dit kan twee kanten op gaan; overkwalificatie en onderkwalificatie. 

Bij een overkwalificatie beschikt een kandidaat over te veel ervaring voor een functie. Dit resulteert vaak in een hogere looneis dan iemand die niet overgekwalificeerd is wat het voor een bedrijf niet meer aantrekkelijk maakt om hem/haar aan te nemen. Bij onderkwalificatie heeft iemand juist te weinig ervaring voor een functie. Hierdoor kan een bedrijf problemen in de productie of dienst krijgen of moet een kostbaar inwerktraject ingaan. 

Overvloed aan parttimers

Parttimers zijn mensen die minder dan 36 uur per week werken, en Nederlanders zijn hier koning in. Binnen Europa werken Nederlanders gemiddeld het minst aantal uren per week, wereldwijd op plek 6, met 4.7 miljoen parttimers. In Nederland werken parttimers gemiddeld ook maar 21 uur per week, tegenover bijvoorbeeld 25 uur in België. Veel personeelstekorten in diverse sectoren zouden opgelost kunnen worden als deze groep ervoor kiest om enkele uren per week meer te werken.

Toegangsbarrières voor 50-plussers 

Helaas ondervinden 50-plussers in Nederland moeilijkere toegang tot de arbeidsmarkt. Het aannemen van deze groep kost bedrijven vaak meer, omdat ze meer moeite hebben zich aan te passen aan de gebruikte technologie. Dit geven ze zelf ook aan, slechts een derde van de 50-plussers vindt zichzelf bekwaam op het gebied van computers, smartphones of andere ‘slimme’ apparaten. Bovendien vergen zij vaak aanvullende scholing, wat extra kosten met zich meebrengt voor werkgevers.

Te weinig mensen

In Nederland kampen we ook met de meest voor de hand liggende oorzaak van personeelstekort; we hebben gewoon te weinig mensen. Binnen Europa hebben we het hoogst aantal werkenden tegenover niet-werkenden, en het aantal beschikbare vacatures blijft oplopen. Zo staan er momenteel 411.000 vacatures open om vervuld te worden. Vooral de techniek, ICT, onderwijs en zorg zijn hier grote aandeelhouders in.

Onder de niet-werkenden valt een grote groep mensen die niet op de juiste plek geplaatst (kunnen) worden, ook wel onbenut arbeidspotentieel genoemd. In Nederland zijn dat er 1,3 miljoen, bestaande uit:

  • 508.000 onderbenutte deeltijdwerkers. Dit zijn werkenden die meer uren kunnen en willen werken.

  • 350.000 werklozen. Dit zijn personen zonder betaald werk, die recent naar werk hebben gezocht en daar ook direct beschikbaar voor zijn.

  • 301.000 semi-werklozen. Dit zijn personen die bijvoorbeeld vanwege ziekte, arbeidsongeschiktheid of een opleiding niet direct beschikbaar of niet werkzoekend zijn. 

Negatieve effecten op een bedrijf

Het personeelstekort resulteert in een aantal zaken waar ondernemers mee te dealen krijgen. Kleine of grote bedrijven, retail of ICT, iedere organisatie zal problemen ondervinden met te weinig (geschikt) personeel. 

Verloop van personeel

Wanneer personeel een organisatie verlaat kan dat voor aanzienlijke problemen zorgen, vooral als ze er al een lange tijd werken en veel kennis met zich meenemen. Het is prijzig om werknemers met ervaring te vervangen. Een laagopgeleide werknemer kost gemiddeld 20 procent van zijn jaarsalaris om te vervangen, terwijl een hoogopgeleide werknemer tot wel 213 procent kan kosten om te vervangen, you do the math. 

De zorgsector is hier een schoolvoorbeeld van. Jaarlijks verlaat meer dan 15% van het personeel in de zorgsector hun positie, wat een enorme kostenpost voor de sector oplevert van ongeveer €1,2 miljard per jaar. Dit hoge verloop is met name zorgwekkend omdat de zorg een sector is waar ervaring en gespecialiseerde kennis belangrijk zijn voor de kwaliteit van de dienstverlening. De kosten van het vervangen van personeel omvatten niet alleen wervingskosten en training, maar ook de verloren productiviteit tijdens de overgangsperiode. Dit onderstreept het belang van strategieën om personeelsverloop te verminderen en het behoud van gekwalificeerd personeel te verbeteren. Oftewel: het de medewerkers zodanig naar hun zin maken dat ze willen blijven.

Onderbezetting: gemiste opbrengsten

Onderbezetting leidt vaak tot gemiste opbrengsten, omdat bedrijven niet in staat zijn om aan de vraag van hun klanten te voldoen. Een voorbeeld hiervan is de horeca in Nederland. Sinds de coronacrisis heeft de sector moeite met het aantrekken van (geschikt) personeel, en moet het doen met parttimers of extern ingehuurde medewerkers. Dit brengt extra kosten met zich mee en minder garantie op personeel. Hierdoor zijn cafés en restaurants soms noodgedwongen hun openingstijden beperken of zelfs hele dagen sluiten.

 

Bron: CBS, bewerking ING Research

De prijsverhogingen door de relatief hoge inflatie spelen ook mee. Net als in 2022 ontkwam de sector er in 2023 niet aan de prijzen met gemiddeld 9% te verhogen om de hogere energie-, inkoop- en personeelskosten te compenseren. In 2024 zullen de kosten wederom stijgen. Dit jaar stelen personeelsproblemen de show. Hierdoor stijgen de prijzen, wijzigen de openingstijden en zijn er langere wachttijden waardoor directe omzetverliezen en een negatieve impact op de klanttevredenheid ontstaan. Bovendien kunnen deze bedrijven niet (optimaal) profiteren van piekperiodes, zoals vakanties en feestdagen, waarin de vraag naar hun diensten het hoogst is​. 

Onderbezetting: werkdruk en frustratie

De frustratie die voortkomt uit onderbezetting is voelbaar bij zowel werknemers als klanten. Werknemers ervaren verhoogde werkdruk en stress door de noodzaak om extra taken op zich te nemen om de gaten op te vullen. Dit kan leiden tot burn-outs en een verdere toename van het personeelsverloop. In de zorgsector zijn bijvoorbeeld verpleegkundigen vaak overbelast door de voortdurende druk om voldoende zorg te bieden met onvoldoende personeel. 85% geeft aan je dagelijks een tekort aan collega’s te ervaren op de werkvloer. Dit heeft niet alleen invloed op hun welzijn, maar ook op de kwaliteit van zorg die patiënten ontvangen​. 

Het CBS meldde dat in 2023 driekwart van de ondernemers te maken heeft met personeelstekorten. Dit tekort leidt in 36% van de gevallen tot een verhoogde werkdruk en inmiddels hinkt 1 op de 5 werknemers al tegen een burn-out aan. Dit is voor zowel werknemer als werkgever zorgwekkend. De werknemer ervaart stress en zit niet lekker in zijn/haar vel, en de kosten voor een werkgever kunnen oplopen tot wel €133.000 per uitgevallen werknemer. 

Het verzuimcijfer vertelt pas een deel van het verhaal. Werknemers die blijven doorwerken ondanks burn-out en werkgerelateerde stressklachten tonen een productiviteitsverlies van 25% tot 50%. Bij een totale loonsom van 1.000.000 euro, een gemiddelde van 12,5% werknemers met burn-out klachten en een productiviteitsverlies van gemiddeld 37,5% (tussen 25% en 50%), kost dit een bedrijf ongeveer 46.875 euro aan verloren productiviteit. Bovendien neemt de kans op werkgerelateerde ongevallen toe en maken medewerkers minder vaak goede beslissingen.

Conclusie

Het personeelstekort waar we in Nederland mee te dealen hebben heeft meerdere oorzaken. Met vergrijzing als leidende factor en zaken als toegangsbarriéres en onbenut arbeidspotentieel ontstaan er problemen in de productie en uitvoer. De werkdruk loopt op en beïnvloedt tot wel 85% van het personeel van een organisatie. Dit zorgt voor stress, uitval, burn-outs, personeelsverloop en enorme kosten voor werkgevers. Het gebrek aan personeel zorgt daarnaast voor onderbezetting waardoor bedrijven niet hun volledige potentieel kunnen benutten. Met stijgende energie-, inkoop- en personeelskosten zorgt dit op den duur weer voor problemen in de organisatie, en stijgt het aantal faillissementen mede hierdoor tot het hoogste punt in zeven jaar.